Op mosasaurusjacht in Angola09-07-10

 

Een internationaal team paleontologen is deze week begonnen aan het opgraven van mosasaurussen in de woestijn van Angola. Mosasaurussen zijn uitgestorven zeereptielen, die in het late Krijt (71 tot 65 miljoen jaar geleden) de oceanen onveilig maakten. Mosasaurus (Latijn voor 'Maashagedis') heeft zijn naam te danken aan de rivier de Maas (Latijn: Mosa). De eerste fossielen van deze tot 17 m lange zeeroofdieren werden aangetroffen in de ondergrondse mergelgroeven van de Sint Pietersberg ten zuiden van Maastricht, waar de Maas aan de voet langs stroomt.

 

Paleontoloog dr. Anne Schulp, verbonden aan het Natuurhistorisch Museum Maastricht (www.nhmmaastricht.nl), graaft tot 13 juli mee in Angola. Op de populair-wetenschappelijke website Kennislink.nl houdt hij een dagelijks blog bij (www.kennislink.nl/publicaties/blog-anne-schulp). Het Maastrichtse museum neemt reeds langer deel aan het project. In voorgaande jaren werd al een complete schedel en een gedeeltelijk skelet opgegraven, evenals resten van langnekzeereptielen (plesiosaurussen), haaien, dinosaurussen en vliegende reptielen (pterosaurussen).

 

"Voor het museum in Maastricht is de opgraving heel belangrijk," vertelt Schulp. "Het skelet van 'onze' reuzenmosasaurus Prognathodon saturator is slechts voor een deel bewaard gebleven. Haaien hebben zijn karkas kaalgevreten voordat het door kalkmodder bedekt werd. De opgravingen in Angola in 2006 en 2007 hebben schitterend materiaal opgeleverd van een klein neefje van 'ons' Maastrichtse dier, een vondst die straks in Maastricht geweldig van pas komt om 'onze' rognathodon verder te reconstrueren. Tijdens deze expeditie hopen we nog twee skeletten uit de grond te halen."

 

Inmiddels zijn Schulp en zijn collega's in de weer geweest met het blootleggen van een kaak van Globidens, een grote knobbeltandmosasaurus waar nog maar weinig fossielen van bekend zijn. Afgelopen woensdag heeft de expeditie overblijfselen gevonden van wat een negende mosasaurussoort zou kunnen zijn. De schedel van dit dier vertoont een bijzonder wijde muil, met tanden die in elkaar grijpen.

 

De opgraving waaraan Anne Schulp deelneemt, vindt plaats in het dunbevolkte zuiden van Angola, Namibe Province, in de noordelijke uitlopers van de Namibische woestijn. Het onderzoek wordt uitgevoerd in een samenwerkingsproject tussen twee Angolese universiteiten en vijf onderzoekers uit Lissabon (Portugal), Dallas (VS), Lund (Zweden) en Maastricht. Het veldwerk in Angola wordt mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van Platform Bčta Techniek.

 


< naar overzicht